Christen geworden Moslims in Nederland hebben het moeilijk | Tekst: Sjoukje Dijkstra, Foto: Rawpixel, unsplash.com
Foto: Rawpixel – unsplash.com

Christen geworden moslims in Nederland hebben het moeilijk

Katholiek Nieuwsblad

‘Mijn vrienden bedreigden me met de dood’
Christelijke vluchtelingen hebben in Nederland geregeld te maken met discriminatie en bedreigingen, zeker als zij zich vanuit de islam bekeerd hebben, zo melden christelijke hulporganisaties. Drie bekeerlingen doen hun verhaal. “Ik heb de weg van de vrede gekozen.”

Faradouin Fouad

‘Ik word nog elke dag bedreigd’

 

Faradouin Fouad wordt bedreigd, maar stelt zijn huis toch open voor iedereen. “Dit is een huis van God. Iedereen is welkom.”

Faraidoun Fouad vluchtte vanuit Koerdistan in Noord-Irak. Eenmaal in Nederland kwam hij in aanraking met het christelijk geloof. “In 1999 ben ik bekeerd”, vertelt hij. “In 2002 heeft God mij geroepen om mijn eigen volk te bereiken. Direct na mijn bekering kwamen de eerste bedreigingen. Mensen van wie ik dacht dat ze mijn vrienden waren, werden mijn vijand.”

De bedreigingen werden zelfs zo erg dat hij moest vluchten uit het asielzoekerscentrum Dronten om bij een familie uit de kerk te gaan wonen. Hoewel het azc geen veilig terrein voor hem is, komt hij er nog geregeld terug om te evangeliseren. “Het is wel eens voorgekomen dat mensen die niet eens streng moslim zijn, tegen mijn vrouw zeiden dat ze me zouden doden.” Hij heeft geprobeerd met hen te praten. “Ik heb gekozen voor de weg van de vrede en een op een met hen gepraat. Sommigen reageerden niet. Anderen wilden wel luisteren, maar het contact is nooit meer hetzelfde geworden.”

Faradouin Fouad | Foto: Sjoukje Dijkstra

Esther Mulder

‘Mijn vader zei dat ik zijn dochter niet meer ben’

 

De eerste keer dat ze in een kerk was, voelde Esther Mulder zich schuldig. “Ik dacht: wat als er nu familie binnenkomt?”

Esther Mulder was moslima. In 1992 vluchtte zij met haar familie vanuit Somalië naar Nederland. Op veertienjarige leeftijd besloten haar ouders haar uit te huwelijken. Mulder vluchtte het huis uit en zwierf twee jaar lang over straat, van opvangadres naar opvangadres. Later trouwde ze met een Nederlander. Via een vriendin kwam ze in aanraking met de kerk. Ze weet het nog goed, die eerste keer: “Ik had gelijk het gevoel dat ik welkom was.” Tegelijk voelde ze zich schuldig dat ze in een kerk was. “Ik keek steeds om mij heen en dacht: wat als er nu familie binnenkomt, of andere Somalische mensen? Die eerste dag in de kerk sprak ik met God. Ik zei: ‘Als U God bent en het waar is wat ze zeggen, wilt U dat dan laten voelen in mijn hart? Dan ga ik U volgen en dienen.’ Zes maanden duurde het. Toen voelde ik het in mijn hart. De dominee deed een oproep en ik ging naar voren, want ik wist het zeker. Mijn hart klopte in mijn keel. Ik was enorm blij.” Tegelijkertijd ervoer ze een rust die ze nog nooit eerder had gevoeld. “Na mijn bekering begonnen ook de bedreigingen. Vooral op Facebook en meestal afkomstig van Somalische mensen. Ze schrijven in het Somalisch, zodat niemand het kan begrijpen. Zo hadden we bijvoorbeeld een foto gemaakt van een Somalische conferentie, waarbij iedereen voor een kruis stond. Daar kwamen allemaal bedreigingen op. Dat vond ik heel erg.”

Esther Mulder | Foto: Willem-Jan de Bruin, EO

Broeder Jassim

‘Ik ging met acht pagina’s bedreigingen aangifte doen’

 

Broeder Jassim vond God. “Ik ben nu oprecht gelukkig en bid ook voor mijn familieleden.”

Broeder Jassim is van Marokkaanse afkomst. Hij gebruikt zijn achternaam liever niet als hij zijn getuigenis geeft. “Mijn familie woont in Marokko en kan daarmee in de problemen komen.” Zelf geeft hij zowel op zijn website als op YouTube zijn getuigenis. Dat deed hij voorheen ook via Facebook, totdat hij daar geblokkeerd werd, naar eigen zeggen omdat bepaalde mensen hem de mond willen snoeren. Op straat schelden ze hem uit, maar het deert hem niet. Hij voelt zich bevrijd sinds hij zich in 2015 bekeerde en in 2016 gedoopt werd.

Hij kwam naar Nederland, omdat hij al als moslim openlijk kritisch was op de islam. “Mijn moeder had me altijd geleerd om iedereen te respecteren en lief te zijn. Dat stond lijnrecht tegenover wat de islam leerde. Ik moest Joden en christenen haten en vervloeken. Mohammed was mijn voorbeeld, maar zijn leven was slecht. Hij had Joden gedood en trouwde een kind van zes jaar. Hoe kon dat nu mijn voorbeeld zijn?”

Broeder Jassim | Eigen foto
Lees de verhalen